“de beste wense en een gelukig nieuwjaar!”

“de beste wense en een gelukig nieuwjaar!”

Vakantie! Om eerlijk te zijn was ik er aan toe. Het verlangen naar ‘even geen school’ groeide de laatste maand met de dag. Opgezogen door werkdruk, of was het de drukte die ik er zelf van maak?

Vlak voor de vakantie hoorde ik Frank Van Massenhove, even los van mijn kritiek en bedenkingen, spreken over ‘Het Nieuwe Werken’ en wat het onderwijs hiervan zou kunnen leren. In zijn bedrijf werkt 67% van het personeel voornamelijk thuis. Dit om hen het gevoel van autonomie (en familieliefde) niet te ontnemen. “Mensen werken wanneer zij willen en gemotiveerd zijn,” legt Van Massenhove uit. Het levert dus motivatie op, zo verteld met een link naar Pink. Wat wil men nog meer? Mensen die willen gaan ‘voor de zaak’ en dat terwijl ze gelukkig zijn naast wat zij dienen doen. Alleen, verbonden aan een school lijkt thuiswerken voor onderwijsgevenden erg lastig. En toch werken er veel thuis… Zo schijnt. En kijkend naar mezelf, ik doe dat. Deed trouwens:

Toen ik net startte in het voorgezet speciaal onderwijs kwam er veel op mij af. Zo is er in het VSO – en mijn ervaring is nog niet anders – een systeem waarin alle kennisvakken door één en dezelfde leerkracht wordt gegeven. Dit omdat leerlingen moeilijk kunnen omgaan met leerkrachtwisselingen, zo werd mij verteld.

Het riep het bij mij de nodige vragen op. Is het onderwijs op deze wijze een afspiegeling van de maatschappij? Hoe leren ‘speciale’ leerlingen wel? Wat hebben ze nodig? Voedt deze werkwijze niet juist het gevoel van ‘speciaal’? En wat vraagt deze aanpak van leerkrachten en de kwaliteit van het onderwijs?

Thuis was ik ijverig lessen aan het voorbereiden, toetsen aan het nakijken, handelings-/groepsplannen en kerndocumenten aan het schrijven en alle ouders iedere dag aan het updaten wat betreft de ‘ontwikkeling’ van hun kind. Vaak ging dat ‘ontwikkelen’ over gedrag, want ook in dit systeem lieten leerlingen zich niet kaderen! Om mij heen zag ik het iedereen doen, ik volgde braaf. Zelfs in het weekend had ik regelmatig contact met collega’s over werk.

Met de jaren werd ik ongelukkiger. De antwoorden op mijn vragen waren niet congruent met wat ik in de groep ervoer. Eigenlijk was ik alleen maar dingen aan het doen waar ik het nut niet van inzag of waarvan de opbrengsten niet opwogen tegen de inzet.

In die tijd werd ook mijn eerste zoon geboren. Mijn gedachte dat ik mijn leven nog kon blijven leven zoals ik dat deed was wat te naïef. Naast de slapeloze nachten werd de roep meer thuis te zijn groter. Geheel begrijpelijk, maar hoe moest dat met mijn werk? Mijn eerste spiegel: de balans was ‘een beetje’ zoek…

Tijdens één van de vaak nutteloze vergaderingen vroeg ik om meer tijd. Althans, expliciet tijd en ruimte om op school de handelings-/groepsplannen en kerndocumenten te schrijven. Maar op de nieuwe vorm van dat wat verwacht werd kreeg ik slechts verontwaardigde blikken. Het bleef het even stil. Geen bijval. Alleen een afwijzing. Achteraf werd ik zelfs als ‘oncollegiaal’ weggezet!? Hoe zou de inspectie tegen deze tijdrovende taak en manier van werken aankijken?

Van Massenhove vertelde verder. Over blank-agenda-dagen; dagen waarop er niets op de agenda stond en je zelf je werk kon inplannen. Zo wordt voor de fulltimer niet meer dan voor ongeveer 80% werk georganiseerd. Ik dacht terug aan mijn handelingsplannen! Of het voorbereiden van lessen!? Deskundigheidsbevordering? Van Massenhove vervolgt met dat er altijd onvoorziene taken bij kunnen komen, maar dat je door blank-agenda-dagen je taken – of zoals hij ze noemt ‘targets’ – goed kan halen.

Een mooie uitdaging: de targets van een leerkracht in kaart brengen, daar 80% van nemen en die opnemen in een normjaartaak. Kan ook het ‘uurtje-factuurtje’-denken losgelaten worden. Onderwijs is nooit klaar. En ik begrijp dat het onderwijs een proces is dat niet zomaar in percentages gevangen kan worden. Het statement echter is mooi: geef ruimte. Een halve dag, een dag, maak een begin. Binnen mijn groepen was en is dit ook één van mijn statements, ruimte voor ontwikkeling. Mijn verlangen is dan ook dat dit door mijn leidinggevende(n) wordt uitgedragen. Los van de regie die ik daarin zelf kan nemen…

Het deed me ergens ook wel denken aan de Google Friday-gedachten. Bij Google mogen werknemers 20% van hun tijd aan bedrijfsverwante zaken werken vanuit hun eigen interesse en talenten. Dat betekent dat wanneer je een goed idee hebt er altijd tijd is om die ideeën uit te werken. Wat als leerkrachten deze ruimte zouden krijgen? Denk aan peerreview, deskundigheidsbevordering, praktijkonderzoek, maar ook aan het ontwikkelen van eigen lesmateriaal. (Oj joj, arme uitgevers.) Mijn wens zou het ondersteunen van collega’s in het regulier onderwijs zijn! Twee sporen trekken: zelf in het speciaal onderwijs werken met de intentie het overbodig te maken en leerkrachten in het regulier onderwijs ondersteunen. Co-teachen.

Ooit startte ik met een VSO-groep van 8 leerlingen. Een mooi aantal om een geweldig proces mee te doorlopen. Hen verder brengen. Dit jaar staat de teller op 13, een stijging van ongeveer 61,5%! (Mijn loon steeg overigens niet.) In het SO kreeg ik er een assistent bij. In het VSO, daar waar leerlingen in één van de belangrijkste levensfases zijn beland, is geen klassenassistent te vinden. Geen geld als argumentatie. U begrijpt. Voor de zomer van 2014 werd binnen mijn toenmalige stichting het onderwijs ondersteunend personeel zelfs grotendeels wegbezuinigd! ‘Het Sociaal Plan’ heet dat!? Dit betekent alleen toch echt een hogere werkdruk, of moet ik me niet zo druk maken? Alleen lukt het mij in ieder geval niet.

Vakantie! Een mooie periode om het werk te doen dat is blijven liggen. Toch? Voor mij tijd voor bezinning. Reflectie. Koers(her)bepalen. Nadenken. En dat laatste kan ik beter laten… Het brengt me aan het twijfelen. Twijfel over of ik met het juiste bezig ben. Doe ik hetgeen waar ik echt gelukkig van word? Wie wil ik om me heen om te kunnen ontwikkelen en waar wil ik werken? Hoe en waar kan ik het verschil maken?
“Onderzoek beïnvloedt je handelen!” spreekt Van Massenhove tenslotte. Het is een half jaar geleden dat ik besloot op onderzoek te gaan. Eén dag ontslag. Wat een vrijheid. Wat een ruimte. Op (onder)zoek samen met mijn vragen. En ja, dat heeft mijn handelen en visie op onderwijs veranderd! Het heeft me veel moois gebracht in 2013: de Ontdekkingsreis, participeren binnen de eerste lichting van de Innovatieklas, een eerste opdracht als zzp’er, de start van Pedagogische Tact als bevestiging en andere mooie en nieuwe ontwikkelingen én ontmoetingen met bijzondere, professionele mensen!
En toch, de twijfel bleef. Mijn denken. En net op het moment nadat ik uitsprak naar mijn liefde dat ik misschien beter het speciaal onderwijs zou kunnen verlaten, kreeg ik een kaart binnen. Van Fanny.
hooi meneer ronald, de beste wense en een gelukig nieuwjaar! groetjes Fanny
Wensen… Die heb ik genoeg! In het ontvangen van haar lieve woorden flitst 2013, de mooie verhalen en alle ontmoetingen voorbij. Ik ben nog niet klaar in dit onderwijs! Dit speciale onderwijs. Dat is wat helder is. Er staat me nog wat te #dOEN! Mijn woord voor 2014. Een nieuw jaar vol ‘nieuw werk(en’), nieuwe uitdagingen, wensen en verlangens concretiseren. Mijn RonaldHeidanus Thursday heb ik al. Mijn (onder)zoektocht wordt vervolgd. Een open sollicitatie aan dat wat zich aandient. Een warm welkom zal ontvouwen.
Ik koester de nieuwjaarskaart van Fanny! Ik ontvang en deel, wens haar, alle leerlingen & onderwijsmensen in het (speciaal) onderwijs “de beste wense en een gelukig nieuwjaar”!!

About the Author

Leave a Reply