De ruimte tussen de treden

De ruimte tussen de treden

Vanochtend bracht ik samen met mijn vrouw en jongste dochter de twee oudsten naar school. Bij het binnen lopen van het gebouw was zichtbaar dat de bel al was gegaan. Ik liep met Jonah (de middelste, vier jaar en net gestart op school) richting de trap. Rennende kinderen en bedrukte ouders passeerden onze flanken. Zijn stappen waren die van iemand die mee wilde gaan in de snelheid van de mensen om hem heen. Dit lukte hem de eerste paar stappen, totdat hij besefte dat hij zijn eigen lijf voorbij aan het lopen was. Hij nam een pas op de plaats en liep in zijn tempo door. De ruimte voor ons werd groter en er ontstond ‘lucht’. Achter ons voelde ik de druk van het aantal mensen, dat nog steeds met dezelfde snelheid probeerde door te lopen, toenemen.

De ruimte die voor ons ontstond deed mij doen beseffen dat er eigenlijk niets mooiers is dan je eigen tempo te mogen bepalen. En tevens besefte ik dat, met de snelheid waarmee we leven, er steeds minder ruimte ontstaat om werkelijk oog te hebben voor dat wat de mens als individu nodig heeft! Is het dat het tempo van onze samenleving alleen maar wordt bepaald door tijd? De klok tikt immers door en de focus op wat er werkelijk toe doet wordt minder helder… De druk is voelbaar! Of worden we meegesleurd door het tempo en wat drijft ons dan?

Steeds vaker voel ik een paradox ontstaan over het onderwijs. Hoe meer ik me verdiep in het onderwijs, hoe meer ik denk dat goed onderwijs alleen maar goed kan zijn door middel van minder onderwijs en meer educatie! Een sterke basis. De verschuiving van resultaten en opbrengsten naar deze inzetten om kinderen een sterke basis mee te geven. Terug naar de essentie van dat wat geleerd dient te worden.

Stephen J. Ball zei ooit in The Education Debat: “Onderwijs is geheel ondergeschikt geworden aan de zogenaamde onvermijdelijke globalisering en wereldwijde economische concurrentiestrijd.” Dit gezegd vraag ik me af hoe dit in verhouding staat tot geluk, naar mijn mening één van de essenties in het leven. Alexander Sutherland Neill schreef in 1960 in zijn boek “Hoe kunnen we hen gelukkig maken? Mijn antwoord is: laat het gezag los. Laat het kind zichzelf mogen zijn.”

Ruimte krijgen om te zijn wie je bent levert in het huidige tempo een spanningsveld op. Ben je zelf als leerkracht gewend om ruimte te krijgen? Om autonoom te mogen handelen en jezelf te mogen zijn? Er is op dit moment gekaderd beleid wordt wat men verwacht gevolgd; onderwijzen door prestaties en opbrengsten aan te tonen dat een leerling naar een volgend klassenjaar kan. Het tempo ligt verpakt in een schooljaar, (kern)doelen liggen vast, echter waar wordt de ruimte gepakt om het tempo af te stemmen op een leerling en de groep waarin het zich beweegt? Leiden door te volgen.

Ik zie ouders op de trap van de school hun kind oppakken en langs mij heen lopen. Zij bepalen het tempo! En geldt dit alleen voor op de trap? Het kind kan niets anders doen dan lijdzaam volgen. Wat maakt dat ouders niet het tempo van hun kind volgen? Is hun werk, het geld op de plank, echt belangrijker dan het tempo van hun eigen kind? Dan heeft Stephen J. Ball gelijk en zijn we allemaal een marionet geworden.

Stel dat de trap metafoor staat voor de ontwikkeling van een kind, met bovenaan het doel. Dan kan het zijn dat zij door de vele obstakels, bijvoorbeeld speelgoed, niet boven geraken. Het speelgoed staat enerzijds voor kind eigen kenmerken, identiteit maar zeker ook de ontwikkeling van het kind. En tegelijkertijd is het speelgoed de vele obstakels die juist ‘wij’ als ouders én onderwijsorganisatie op de trap zetten.

Een kind kan eigenlijk niets anders dan in een bepaald tempo functioneren. Voldoe je niet dan volgen protocollen, onderzoeken, diagnoses en ontwikkelingsperspectieven. Ik denk dat het aan mij is, als leerkracht én ouder, om (mijn) kinderen te leren en te begeleiden in het opruimen (of omgaan/ overwinnen) van het speelgoed.

En dat betekent: kijken, luisteren, begrijpen, afstemmen, omgeving aanpassen, waar nodig ondersteunen en extra ondersteuning te bieden. Daardoor ontstaat er (zelf)vertrouwen en zullen zij zelf, in hun tempo, de trap op lopen, op weg naar hun doel! Misschien wel sneller dan verwacht. Kinderen zijn naar mijn mening leidend en natuurlijk leer je kinderen lezen en schrijven met een sterke en gedegen instructie. En hoge verwachtingen! Zo kunnen zij dan immers zelf op zoek naar hun waarheid… En natuurlijk bied je kinderen context, anders zal dat wat geleerd wordt niet beklijven in hun werkelijkheid of ontstaat er zelfs demotivatie!

Wie over een scherpe geest en lef beschikt, zal niet verhongeren; 
noch zal hij zich druk maken over honger …
DH Lawrence (1918) uit Education of the people

Als samenleving en volwassenen wordt bepaald wat belangrijk is voor onze kinderen en hun toekomst. Of dit nu het ochtendritueel is, een schoolkeuze of de snelheid waarmee je een trap op loopt. Wat maakt dat we zeker weten wat en dát het belangrijk is voor onze kinderen? Mede ons verleden, ervaringen en de wijze waarop wij normen, waarden en overtuigingen betekenis geven, maakt dat we onze werkelijkheid waarnemen zoals die is. Maar is die werkelijkheid wel dé werkelijkheid? Ik mis in het vormen van dat wat belangrijk is vaak de individuele ontwikkeling van het kind zelf.

Robinson neemt in één van zijn TEDtalks stelling: “Als volwassenen houden we ons alleen maar bezig met een toekomst waarvan we niet eens weten wat die werkelijk zal zijn.” Hij vervolgt met voor mij een metaforisch voorbeeld van een jongen die brandweerman wilde worden. Zijn leraar nam hem echter niet serieus, pas tot de jongen als dertigjarige brandweerman het leven van deze leerkracht en diens gezin redde. En los van of dat het verhaal waar is snijdt de metafoor voor mij hout. Wanneer iedere leerkracht het werkelijke potentieel van kinderen ziet en serieus neemt weet het ook welke ruimte en welk tempo nodig zijn.

Ja, er is altijd een keus om op de trap een kind op te pakken, regie in eigen hand te nemen en voor het kind te lopen. De vraag blijft echter hoe het kind leert, wie het is, hoe het leert diens eigen tempo te bepalen. Hoe het leert zijn eigen grenzen aan te geven en hoe het zich verhoudt tot diens omgeving en het tempo ervan. Een spannend als ook paradoxale uitdaging.

Jonah was in ieder geval op tijd in de klas…in zijn eigen tempo!

About the Author

2 Comments

  • Hester IJsseling 16 november 2012 at 13:02

    Mooi stuk Ronald, dankjewel. Doet me denken aan passage bij Montaigne die schrijft: “Het is goed dat [de onderwijzer] zijn pupil voor zich uit laat hollen om zijn tempo te beoordelen en te zien in hoeverre hij het zijne moet verlagen om zich op zijn vermogen af te stemmen. Als hierin de juiste verhouding ontbreekt, bederven we alles; die weten te vinden en zich er in de juiste mate aan houden, is een van de moeilijkste opgaven die ik ken. Het is de prestatie van een hoogstaande en zeer sterke geest om tot de gang van het kind te kunnen afdalen en zijn schreden te kunnen leiden.”

Leave a Reply