10 blogs - 10 essentiële voorwaarden voor leerkracht leiderschap

Verantwoording

Don’t walk behind me, I may not lead.
Don’t walk in front of me, I may not follow.
Just walk beside me and be my friend
.”

Zo’n tien jaar ben ik nu werkzaam in het onderwijs. Het merendeel in het (voortgezet) speciaal onderwijs. Maar ook in het regulier onderwijs ben ik zeer regelmatig te vinden. Tien jaar. Een goed moment om bij stil te staan. Een moment om te beschouwen. Beschouwen van dat wat voor mij de kern raakt. De kern van de complexe werkelijkheid die het onderwijs ook is. De kern van wat deze complexiteit met elkaar verbindt. In een reeks van blogs leg ik lijnen, verbind ik dots en deel ik ervaringen.

Eén ding is mij na al deze jaren duidelijk geworden: leerlingen willen ontwikkelen. Altijd! En ieder kind heeft een onuitputtelijke bron van potentieel. En zij willen dat wij dat zien. Hen zien. Zij willen ruimte om te spelen, willen experimenteren, willen op zoek gaan naar wie ze zijn en willen weten wat ze zelf kunnen. Ze willen in de wereld zijn. Dat maakt dat het afstemmen op de noden en behoeften van leerlingen al snel mijn missie werd!

Werken aan een onderwijscontext die ‘goed’ is, die de leerling vormt. Die school creëren waar ik mijn eigen kinderen direct naartoe zou laten gaan. Zonder twijfel. Dat vraagt kwetsbaarheid: vanuit een kritische reflectie op mijn innerlijke houding te zoeken naar de juiste communicatie om kennis en ervaringen te delen. Op zoek naar de vorm om de inhoud, mijn visie op en handelen in het onderwijs, verder te brengen. Processen zichtbaar maken. Ontsluieren. In beweging brengen. En verbinden aan daadkracht.

Vragen volgen vanzelf. Het hoe, het functionele waarom en wat het opbrengt. Maar bovenal gaat het over de ‘ik’ in het waarom, the I in the why. Waarom IK de dingen doe die ik doe. Door jezelf deze vraag te stellen bij alles wat je doet neem je leiding over je eigen handelen. Leiderschap over het zijn van leerkracht, leerkracht leiderschap. Leiderschap vanuit kennis, autoriteit en intuïtie.

In een serie van tien blogs deel ik skills, (voor)waarden, strategieën die voor mij horen bij leerkracht leiderschap. Iedere week een blog, én ga ik de dialoog aan met collega’s. Over de inhoud. Leiderschap nemen, inspireren en samen groeien.

Wat ik geef is mezelf
wat ik ben is beschikbaar
wat ontstaat is verbinding
wat je voelt is vertrouwen.

Meer over mij

de pedagogische opdracht

Bewust zijn

“Be a light, not a judge.
Be a model, not a critic.”

Stephen Covey

Zo nu en dan is er die golf van vernieling. Dat valt op omdat verschillende ruiten gesneuveld zijn. Op de muren is getekend. Leerlingen nieuwsgierig en volwassenen al hoofdschuddend elkaar bevragen hoe het toch weer zo ver heeft kunnen komen. En natuurlijk wordt er een grens gesteld bij materiele schade. Voedt het de vraag om controle. En natuurlijk de wens om boosheid te kanaliseren. Sterker, leerlingen te leren omgaan met hun woede-uitbarstingen. Leren ervan bewust te worden.

Echter, is er bewustzijn op deze pedagogische opdracht?

Bewustzijn – en zeker een ander leren bewust te worden – vraagt om begrip van de aanleiding. De aanleiding van deze verhoogde staat van arousal. Als volwassene weet je wat boosheid is. Hoe het ontstaat. Bij jezelf. Maar werkt dit hetzelfde bij een ander?

Om woede te kunnen begrijpen zijn belangrijke vaardigheden nodig. Startend bij het verder kijken dan het waarneembaar gedrag. Verder kijken dan de gevolgen, die toch vaak leidend zijn in een discussie. Loslaten van het ‘ergens iets van vinden’. De diepte in. Loskomen van projectie en perceptie. Perspectief nemen om enigszins te kunnen begrijpen wat er zich in het brein van de ander heeft afgespeeld.

Bewust worden betekent ‘zien, gezien worden & begrijpen’. Zien wat er gezegd wil worden. Erkennen. En begrijpen dat gedrag communicatie is. Luisteren naar gedrag. Luisteren om te begrijpen door luisteren om te reageren links te laten liggen. Een bewuste keuze.

Leiding te nemen over het voortraject: het creëren van een sociaal, veilige omgeving. Het nemen van de ruimte om de dialoog aan te gaan. Preventief te handelen en waar nodig te ondersteunen in het herstel of overwinnen van moeilijkheden.

Bewust worden is zelf bewust zijn van de onmacht bij destructief gedrag. Dat onveiligheid en onmacht niet anders geuit kunnen worden. Bewust zijn dat het kind ontkoppeld is met zichzelf. De roep naar veiligheid. Kwetsbaarheid. Vertrouwen. En reflectie. Woest op weg naar bewust. De mindset van altijd een keus hebben! Kiezen voor het aangaan van die aanleiding die niet goed voelt of kiezen woede te botvieren op jezelf of de omgeving.

be-woest, bewust nog niet
bewust van de impact
bewust van eigen zijn
bewust van wat nodig is

die leerling
ontkoppeld met zichzelf
ontkoppeld met diens omgeving

wat is er gebeurd
wat maakt dat het gebeurde
wie is eigenaar van wat er gebeurde
en wat is nodig om de situatie te herstellen

Luisteren om te begrijpen en horen van wat werkelijk is

Luisteren

“Listening is a magnetic and strange thing,
a creative force. The friends who listen to us
are the ones we move toward.
When we are listened to, it creates us,
makes us unfold and expand.”

Karl A. Menniger

Iedere dag stellen we onszelf of de ander al dan niet bewust meer vragen dan dat we echt de moeite nemen om te luisteren. Nog vaker worden er direct antwoorden bedacht. De aannames. Hebben we niet eens door dat er een vraag aan vooraf gaat. Worden er interpretaties gedaan. Maar zijn deze wel juist?

Waarom gebeurt dit eigenlijk? Dat is heel simpel: iedereen wil alles begrijpen. Grijpen. Grip hebben op dat wat er om ons heen gebeurt. We willen weten. Zeker weten. Luisteren naar wat werkelijk nodig is, is echter een grootse uitdaging. Zeker in het onderwijs waar er in een complexe omgeving veel gebeurt.

Luisteren gaat verder dan alleen het luisteren naar klanken. Klanken worden letters, letters worden woorden, woorden volzinnen en zinnen die in de richting een boodschap bewegen. Alleen dit is al rete lastig. Want taal wordt door iedereen anders ervaren. Anders begrepen. Woorden hebben niet voor iedereen dezelfde betekenis. Daar komt bij dat alleen door echt en goed te luisteren er begrip kan ontstaan. Luisteren vraagt klanken verwerken tot een zuivere boodschap, zonder inmenging en eigen vraagstukken.

Luisteren betekent ook situaties ‘horen’. Luisteren met je intuïtie. Zeer regelmatig hoeft er niet eens iets gezegd te worden om de ander te verstaan. Alleen luisteren, en dus ook zien, naar wat er werkelijk is. Feitelijk. Zonder aannames en inmenging van wat we (denken te) ‘weten’. Pas dan ontvouwt zich de vraag die op dat moment gesteld dient te worden. Of juist even geen vraag. Je transformeert naar onderzoeker. Je onderzoekt alle mogelijke hypotheses. Hypotheses die niet leidend zijn of bevestigd hoeven te worden maar dienen als vehicle.

De juiste vraag kan dus alleen gesteld worden als je luistert om te begrijpen. Luisteren om de ander te begrijpen vraagt om een diepere laag. Het vraagt iets van jezelf: namelijk om eerst goed naar jezelf te (leren) luisteren. Bewust te zijn van hoe je zelf luistert. Vanuit welke intentie je luistert, vanuit welke mindset. En of je in staat bent om on action jezelf te reflecteren en te onderzoeken. Of alles wel ‘gehoord’ is en/of de juiste vraag is gesteld.

Luisteren gaat op zoek naar lui als werkwoord.
Luisteren is de luis in de pels als intentie.
Luisteren is als het zien van de ster aan de hemel.
Luisteren roept het rennen een halt toe.

Echte verbinding ontstaat door te luisteren.
De relatie die luisteren om te begrijpen eist.
Horen van dat wat werkelijk is.
Luisteren naar welbevinden en betrokkenheid.

Waarom ik de dingen doe die ik doe

Introspectie

“Doing the right thing
is more important
than doing the thing right.”

Peter Drucker

Ook in het onderwijs doet Simon Sinek’s Golden Circle haar intrede. Toch is onderwijzen – of het onderwijs – meer complex is dan het enkel adopteren van deze cirkel.

In het onderwijs praten we vaak over ‘wat’ ons te doen staat. Hebben we het over ‘hoe’ we dat gaan doen. En iedereen weet dat in iedere onderwijspraktijk gewerkt wordt aan content, doelen en methodieken. Het ‘wat’ gaat echter niet alleen over wat we doen maar ook wat het de leerling oplevert. Wat de leerling vormt. Alleen al het ‘wat’ is meerlaags…

Dagelijks discussiëren we als onderwijsprofessionals over (wetenschappelijke) onderzoeken, ervaringen, onderwijsmythes, visies, vormen van onderwijs en hoe om te gaan met uitdagend gedrag. De discussies zijn echter constructiever wanneer we onszelf meer bevragen rondom het (functionele) waarom we de dingen doen die we doen. En als je Sinek mag geloven: “a few people know ‘why’ they do it.”

Wat als we het ‘waarom’ meer verhelderen? Verdiepen. Op zoek gaan naar waar het onze persoonlijke drijfveren raakt. Het waarom een context geven. Jouw inhoud zichtbaar maken en vanuit eenzelfde taal met elkaar verbinden. In dialoog overeenkomsten ervaren. Pas dan wordt het gemakkelijker om bruggen te bouwen tussen alles wat we weten en het potentieel dat iedereen bezit. Bruggen te bouwen tussen wat ieder van ons drijft. Naar wat mij drijft. Dus het jezelf bevragen over het ‘waarom’ gaat over het bevragen van de ‘ik’.

Waarom kies ik ervoor in de groep te staan? Voor de groep. Waarom kies ik voor een complexe, meerlaagse omgeving te werken met verschillende perspectieven en -individuele- processen? En hoe het verhoudt met mijn eigen proces. Waarom kies ik mezelf iedere dag te ontwikkelen door het maken van keuzes? En raak ik geïnspireerd. Waarom probeer ik in ieder moment steeds het juiste te vinden om te doen? In het moment juist te handelen.

Dus misschien gaat de ‘ik’ in het ‘waarom’ wel over: hoe leer ik wat te doen om mijn waarom te vinden? Gaat het over hoe deze zoektocht zich ontvouwt, wat je te doen staat moeilijkheden te overwinnen om het ‘waarom’ naar meesterschap te vinden.

Het functionele waarom.
Jezelf afvragen.
Jezelf verwonderen.
Over de de functie
van de dingen
die je juist doet.

Als woorden en intenties elkaar congruent ont-moeten

Communicatie

“The most certain
sign of wisdom
is cheerfulness.”

Michel de Montaigne

Ooit had ik zijn moeder aan de lijn. Althans, met de hoorn op een paar meter van mij vandaan nog prima te verstaan. Ik hoor iets over schuld, in mijn schoenen. Iets over achterlopen, van haar zoon. En iets over een klacht. In de verwarring neem ik de leiding van de monoloog over, verantwoordelijkheid thema en communicatie het middel.

Ooit dat kind/teamlid, dat aandacht vroeg op communicatief vlak: veel praten, legitimeren, graag de discussie aangaan en het laatste woord hebben. In plaats ervan te leren, mateloze frustratie. Machteloos. De intenties voelbaar en soms zelfs een mogelijk andere -onbewuste- agenda. Iedereen voelt deze zuiver. Zeker als er bewustzijn is. En zeker als er wordt geluisterd ‘met het hart’.

Communicatie is zoveel meer dan het verplaatsen van lucht, de interactie met woorden, of lichaamstaal. Het is dezelfde betekenis geven aan woorden, een vehicle waar taal op inhoud wordt verhelderd en verduidelijkt. Maar het is ook het delen van intenties. En dat vraagt de tijd nemen om te luisteren naar wat gezegd wil worden. Verwonderd doorvragen om dat wat werkelijk gezegd wil worden te snappen. Snappen op weg naar begrijpen. Het begrijpen en samen ervaren van onderliggende intenties.

Het start met een kritische, open dialoog waar persoonlijke emoties mogen zijn. De dialoog als Pokon voor de relatie. De dialoog waar ‘iets van vinden van de ander’ niet welkom is. Waar kwetsbaarheid juist sterk is en sterker maakt. Waar de (lichaams)taal van persoonlijke inzichten bijdragen aan persoonlijke groei. Raken en geraakt worden als brug naar de ander. De moed om congruent, zonder (waarden)oordeel en vanuit bewustzijn van eigen perceptie, het gesprek aan te gaan met de ander.

De objectieve subjectiviteit ont-moeten. Met geduld en vanuit de rust verhelderen. Twee subjecten, moeder/het kind/teamlid én ik, waarin woorden en intenties worden teruggelegd waar ze horen. Zijn moeder geef ik haar eigen woorden, begeleiden en ondersteunen, terug. De woeste golven gingen liggen. Het kind/teamlid, op zoek naar de juiste woorden. Bevestiging. De taal om intenties te verwoorden. Het conceptualiseren en vormen van een standpunt dat op voorhand flexibel is. Waar ieder mens en iedere situatie uniek is.

Ik had er nooit wat mee.
Zinnen. Teksten. Boeken.
Viel in slaap als ik las
droomde weg bij ieder woord.

En dat was het.
De LIEFde voor het woord.
Het construct.
Spelen met de betekenis.
En dit spel van verwondering
doe ik het liefst in dialoog.