Blog : stemvdlln

Als een bolster werken aan leren

Als een bolster werken aan leren

De bus stopt en ik stap uit. Op weg naar school raap ik van de grond een kastanje op. Wat is de herfst toch een mooi jaargetijde. De natuur op zijn mooist. Een kastanje, een gift. Je hoeft je enkel te bukken. Een kastanje. Laatst liet een collega mij een hand vol eikels zien. ‘Alle een eikel en toch zo verschillend,’ voegde hij er aan toe. Mooi. En waar. En net als dit verschil vermoed ik dat deze kastanje vandaag het verschil gaat maken.

In de klas ontvouwen zich de dagelijkse routines. De overeenkomsten met een dag eerder. Nog even een moeder die gedag zegt. De andere aanspreken op dat de dag echt begonnen is voor de leerlingen. De kring wordt geformeerd en de liedjes gezongen. De dag bij naam benoemd, de datum als cijfer besproken en het weer beschouwd. Het eerste half uur weinig bijzonderheden. Nou ja. Alleen dat Gabri wel een aantal keren op zijn plek wordt gezet;

Lees verder

Kastanjes uit het vuur

Kastanjes uit het vuur

Tijdens het overleg stormt een onderwijsassistent het kantoor binnen. “Er is wéér iets met Gabri.” Weer!? De directeur van de school kijkt mij aan, knipoogt en het wenken van diens hoofd zet mij in beweging.

Een schooljaar eerder heb ik twee dagdelen in de groep meegedraaid. Beschouwd. Gecoacht. On the job het proces ondersteund. Ik ken Gabri. Redelijk goed ook. We hebben die eerdere keren vaak met elkaar gesproken. Hij in de knel en ik mocht samen met hem onderzoeken waarom. Gabri, een leuke jongen die moeite heeft met sociale interacties, zijn eigen emoties te uiten en het begrijpen van zijn omgeving. Een precaire thuissituatie ook. En een enthousiast, hulpvaardig en nieuwsgierig kind die het graag ‘goed’ wil doen! Hij wil erbij horen.

Samen met de directeur loop ik de school uit richting de speelplaats. De speelplaats met een klimtoestel en genoeg ruimte om te bewegen, afgezet door een hek. Wanneer we aankomen lopen zie ik Gabri al tegen het hek aan staan. Buiten de speelplaats. Ik blijf me verwonderen over hoe het kan dat zijn dikke tranen op zijn wangen blijven hangen. Een mooi evenals verdrietig beeld.

Lees verder

Perceptie op straf

Perceptie op straf

Mijn vouwfiets zet ik op slot in de personeelsstalling en ik loop in de richting van de zijingang van de school. Wanneer je de deur opent kom je in een lange, smalle hal die aan weerszijden vol staat met kluisjes. Deze ingang grenst ook aan lokaal 000. Zo’n vet nummer! Vind ik. Lokaal nul. Niet zomaar één nul, nee drie. Op een rij.

Als ik de school binnenstap en de hal betreed zie ik rechts in mijn ooghoek een leerling zitten. In een split second maak ik in gedachten een shift naar dat wat ik eerder meemaakte. Pijn van op de scholen waar ik ooit werkte. Terug naar het verleden en herbeleven. Herbeleven van alle -negatieve- situaties waarop een leerling uiteindelijk op de gang belandde. Naar de gang werd gesleept.

Lees verder

Wie de broek past

Wie de broek past

Het regent. Naar buiten gaan zit er deze ochtend voor de kinderen niet in. Er is zelfs al rekening mee gehouden. In de speelzaal is een soort apenkooiopstelling klaargezet. Maar voordat ze gaan spelen wordt de bak met gymschoenen door een kind opgehaald. Als iedereen in de kring zit worden ze uitgedeeld. Tegelijkertijd met het uitdelen wordt verteld dat de trui en broek uitgedaan moeten worden.

Moeten.
Ja.

Lees verder

Gewóón praten

Gewóón praten

Voor mij is er ogenschijnlijk niets aan de hand. Sterker, de les liep eigenlijk heel goed: een strakke, sterke instructie, inoefening en ruimte om zelf te oefenen. Ja, ergens merk ik wel wat spanning. ‘Het niet helemaal in je hum zijn’, zoals ik dat vroeger altijd hoorde. Wanneer ik met een verkeerd been uit bed stapte. Net iets te weinig of juist te vast geslapen had. Zo’n dag loopt dan altijd net even iets anders. Dan verwacht. Uit alle macht probeerde ik me dan aan routines vast te houden. Maar steeds het gevoel dat ik net een stap te laat was. Alsof de klok mij op de hielen zat. Niet de ruimte om mezelf te resetten.

Lees verder

Ik ben geen probleemkind

Ik ben geen probleemkind

‘Ik ben geen probleemkind.
Ik ben een uitdaging.’ – 2DOC

Geen kind? Jong overvraagd.
Geen probleem? Bagage genoeg.

Praten over gevoelens.
Kwetsbaarheid als thema.
Niet geleerd.
Niet gezien.
Niet begrepen.
Ongrijpbaar.
Ogenschijnlijk.

Lees verder

Observeren, observeren, observeren

Observeren, observeren, observeren

Met een kruk op wieltjes rol ik door groep 2. De meeste kinderen zijn taakgericht aan het werk. Soms help ik wat. Soms zet ik wat aan. Soms zorg ik voor de gevraagde bevestiging. En soms duw ik een kind over een figuurlijke drempel. Meer dan bijsturen en bewust maken is eigenlijk niet nodig. Nou ja, genieten dan. Oké, dat wel.

Als ik mij omdraai zie ik Ridley Karim een duw geven. Niet een harde, maar wel hard genoeg om Karim te doen verwonderen. “Dat mag niet,” wordt gezegd en Karim speelt verder. Wanneer dit voor Ridley niet genoeg is duwt hij nog een keer. Iets harder deze keer.

Lees verder

Geduld en vertrouwen als grenzeloos

Geduld en vertrouwen als grenzeloos

Na de pauze was het partijtje voetbal nog niet afgelopen. Althans, voor hen. Al bekvechtend komen ze binnen. En nadat ik net scheidsrechter speelde, verwonder ik me over de nieuw ontstane strijd die zich voor me ontvouwt. Waar eerder de wedstrijd gelijk op ging, zie ik ook hier een gelijk opgaande woordenworsteling. Ik loop al observerend op ze af en net op het moment dat de woorden over wilden gaan in daden begeleid ik hem naar de klas.

In eerste instantie loopt hij boos naar zijn plek. Een vraag gooi ik achter hem aan. Hij kan er nog niets mee. Mijn voorspelbaarheid zet ik zo weg. Als intentie. En als hij nog geen seconde zit, staat hij alweer op. Opstaan om zich vervolgens een weg door mij heen proberen te banen. Hij duwt wat, maar niet door. Woorden gaan zijn actie voor. Over op zijn bek slaan. Over dat hij het wel eens zal gaan voelen. Over dat hij dood gaat. En iets over zijn kankermoeder.

Lees verder

Als een kaartenhuis

Als een kaartenhuis

Tijdens het openingsspel werd hij een eerste keer aan de kant gezet. Hij deed ogenschijnlijk iets verkeerd. Met een blik van onbegrip droop hij af. De eerste keer was het trouwens niet. Dat wist hij. Even daarvoor, in de vroege ochtend, was hij eigenlijk al drie, vier maal op zijn plek gezet. De ander was er klaar mee, zo werd hem verteld. Een potlood werd uit zijn hand gegrist. En die grote hand zette zijn hoofd in beweging naar daar waar gekeken diende te worden. Het haalde hem zichtbaar uit de relatie met de ander. Sterker, zelfs met zichzelf. Onderuitgezakt gaf hij op. Geen zin de zin van zijn welbevinden te delen.

Lees verder

Nieuw is soms even wennen

Nieuw is soms even wennen

Het vijfde uur loop ik haar klas binnen. Ze is ziek. Als team hebben we vandaag een constructie bedacht. Een constructie om haar leerlingen ‘op te vangen’. Vaak betekent dit dat leerlingen worden verdeeld over andere klassen, maar vandaag kiezen we ervoor de groep en hun programma zoveel als mogelijk intact houden.

Nieuw ben ik voor hen. In de ochtend was ik het lokaal al binnengelopen. Om mijn aankondiging alvast ‘in de week’ te leggen. Het vijfde uur. Engels.

Lees verder