Blog : cluster 4

Waarom thuis zitten als je op school welkom bent?!

Probleemleerling als risicofactor”, zo kopt het Reformatorisch Dagblad vandaag! Een bijzondere kop, daar waar leerlingen gezien blijven worden als ‘probleem’… Verder in het artikel wordt zelfs nog eens de denigrerende uitspraak van die politicus herhaald. Blijkbaar had de schrijfster even een blind ‘vlekje’. 

Laten we stoppen met stigma’s in leven houden… Waar het om gaat is namelijk veel belangrijker: leerlingen die thuis zitten omdat zij en hun ouders geen plek vinden in het onderwijs, iets waar zij wel RECHT op hebben! Om dan eenzijdig naar de leerling te wijzen is veel te kort door de bocht.

In mijn vorige blog doe ik een voorstel om scholen voor regulier en speciaal onderwijs samen te brengen onder één dak. Vanuit de visie ‘gebruik maken van elkaars kwaliteiten’ zou je mogen stellen dat er binnen het speciaal onderwijs specialisten werken die weten hoe te werken met leerlingen die andere onderwijs leer-/zorgbehoeften en vragen.

Er wordt op de weg naar ‘passend’ onderwijs – die al sinds 2004 is ingezet – veel te weinig gebruik gemaakt van elkaars expertise. En ondanks – leg dit in het buitenland eens uit – dat ‘we’ speciaal (basis)onderwijs hebben, blijft het natuurlijk nog steeds verwonderlijk dat er ongeveer 16.000 ‘onderwijswezen’ zowel kort- als langdurig thuis zitten.

We hebben toch speciaal onderwijs in het leven geroepen om… Ach, laat ook maar!
Op zoek gaan naar oplossingen biedt wellicht meer perspectief…

Samenwerken en op (onder)zoek!In het stuk dat vandaag verscheen benoemt Katinka Slump ‘schaalvergroting’ en de ‘professionalisering van de schoolbesturen’ als belangrijke oorzaken voor de toename van het aantal thuiszitters.

Zelf ben ik werkzaam binnen een stichting voor speciaal onderwijs en is de schaalvergroting – mede door een fusie – duidelijk voelbaar! Inzoomen op de noden en behoeften van individuele leerlingen wordt mij als leerkracht steeds moeilijker gemaakt. Door verschillende (achterhaalde) protocollen en nauwe kaders wordt ook in het (voortgezet) speciaal onderwijs van mij als leerkracht verwacht dat na vier jaar een leerling met dezelfde bagage als in het regulier onderwijs wordt afgeleverd! Dit schijnt opgedragen te zijn door de inspectie, zo zegt men!? Het doel: hetzelfde uitstroomperspectief als reguliere leerlingen. 

De voorwaarden die daar voor nodig zijn worden minimaal geschapen. Faciliteren is een vies woord. Dus ook in het speciaal onderwijs is de druk voor leerkrachten en leerlingen zeer hoog! Dat kan een verklaring zijn dat er zelfs leerlingen uit het cluster4 onderwijs thuis komen te zitten en/of doorstomen naar interne opname…

Volgens mij zou de visie in het speciaal onderwijs dienen te zijn dat er gekeken en gewerkt wordt naar wat van belang is voor de leerling, op zowel pedagogisch als didactisch vlak. Dit om vervolgens – waar nodig – de (directe/familie-/leef-)omgeving aan te passen! Dit om het aanleren van vaardigheden te vergemakkelijken, waardoor moeilijkheden overwonnen kunnen worden. Vervolgens kan gezorgd worden dat de transitie naar het regulier onderwijs, ook wel bonding and bridging genoemd, plaats kan vinden! Speciaal onderwijs zou een tijdelijke pitstop – stilstaan, kijken wat nodig is, nieuwe brandstof en GO! – dienen te zijn!

Het grote geheel ingezoomdMet ‘professionalisering van de schoolbesturen’ doelt Slump op het feit dat er steeds meer professionals zonder onderwijsachtergrond in besturen plaatsnemen. Daar zou je aan toe kunnen voegen dat prioriteiten en doelen van bestuurders anders (kunnen) liggen dan die van de leerkracht op de vloer. Dat is al merkbaar wanneer je een inhoudelijk gesprek voert met de laag/lagen tussen de leerkracht en het bestuur. Het gaat niet meer over de leerling en diens specifieke en individuele onderwijsbehoefte(n), maar om (opbrengstgerichte) doelen die gerealiseerd dienen te worden.

Wanneer je als leerkracht ziet dat in de dagelijkse praktijk aanpassingen nodig zijn, dient dit inhoudelijk via verschillende kanalen onderbouwd te worden. De leerkracht wordt op deze wijze in mindere mate als professional gezien, opgezadeld met onnodig veel werk en niet de ruimte geboden om ‘good practices’ te delen. Het gaat ten koste van de ontwikkeling van leerlingen! Leerkrachten voelen zich niet gehoord en de ruimte om bij/met leerlingen echt ‘onder de ijsberg’ te gaan en te investeren in de totale ontwikkeling van deze leerlingen komt in het gedrang.

De oplossing is dus simpel: een heldere visie en missie voorleven, praktisch uitvoeren met de noden van leerlingen met speciale/andere onderwijsbehoeften voorop! De vakinhoudelijke kennis volgt! En wie kan dit beter organiseren dan de professional ‘op de werkvloer’? Zij werken dagelijks met de leerlingen. En ja, een wetswijziging is zeker een belangrijke stap en biedt kansen voor veel leerlingen, want zoals Slump stelt: “…het gevolg is dat nieuwe wetten nu alleen getoetst worden aan de vrijheid van onderwijs, een recht dat wel in de Grondwet staat. Of het recht op onderwijs in het geding is, wordt onvoldoende onderzocht.” 

Er ligt dus een grote verantwoordelijk bij leerkrachten zelf. Deze dient ook genomen te worden! Beleid dat zonder enig overleg top-down wordt opgelegd maakt mensen juist lui en onverantwoordelijk. Dat leidt tot nog meer willen toetsen en controleren! 

Het is juist de leerkracht die het verschil maakt, een open deur lijkt me. Het is dan ook aan leerkrachten om duidelijke grenzen te stellen en beleid mee te ontwikkelen, met oog voor de leerling en eigen professionaliteit. En ja, soms is het nodig om burgerlijk ongehoorzaam te zijn!

En dan natuurlijk de belangrijke vraag: is iedere leerkracht toegerust op leerlingen met andere onderwijs-/zorgbehoeften? Op twitter volgt een dialoog met Hannes Minkema waarin hij aangeeft niet het gevoel te hebben bij machte te zijn om zijn onderwijs echt passend te maken. Zelfs vanuit mijn context een herkenbaar gevoel! Als hoofdzaak noemt hij tijdgebrek, te volle klassen en veel lesuren waardoor er weinig tijd per leerling overblijft voor aandacht en differentiatie. Ook zegt Minkema dat het aantal leerlingen toeneemt waarbij ouders individuele aandacht, begeleiding en traject-op-maat verwachten. En natuurlijk heeft hij gelijk dat het een te grote verantwoordelijkheid is voor een leerkracht om het alleen te doen.

Daarom pleit ik voor gedeelde verantwoordelijkheid, het nemen van autonomie, kennis delen als eerste stap en SAMEN met leerlingen, ouders, leerkrachten én bestuurders de verbinding maken om samen te bouwen aan goed onderwijs!

Minkema stelt voor om in de provincie Drenthe proef te draaien met ‘passend’ onderwijs. Een goed idee, een pilot, kinderziektes eruit en door… Graag zou ik een berekening willen zien van alle onderwijsuitgaven en scholen/klassendeler/zorgleerlingen/thuiszitters nu en daar tegenover een berekening van alle onderwijsgelden bij elkaar, het speciaal onderwijs opheffen en een concept neerzetten waar zowel vrijheid als recht op onderwijs een plek vinden binnen scholen.
Ontstaan er dan niet automatisch kleinere klassen?
Kan er dan niet extra begeleiding per school ‘ingekocht’ worden? 

En daarbij, je creëert automatisch een andere mindset. Dit omdat alleen een SAMENleving als geheel dit kan dragen. En natuurlijk betekent dit een hoop praktische ‘bezwaren’, bijvoorbeeld dat er schoolgebouwen zijn die niet toegerust zijn op het leerproces maar op klassen van max. 32 leerlingen. Of dat lesuren anders ingedeeld dienen te worden (flipping, lesuren van 70-90 min., …), opleidingen wellicht anders vormgegeven dienen te worden… Het moet kunnen!

Het gaat er om dat we op de lange termijn in Nederland goed onderwijs bieden waarbij iedere leerling zich op school welkom voelt, gezien wordt en zichzelf – vanuit vertrouwen en zijn/haar gehele zijn – maximaal kan ont-wikkelen! Het is onze taak als samenleving en aan leerkrachten – changemakers – om iedereen in te sluiten door gebruik te maken van elkaars talenten. Het start bij jezelf als opvoeder! Voorleven…

Een utopie?

Dacht het niet!

I take the road less travelled… #1

Woensdag 31 januari, de dag waarop Jack Provily samen met Gerard Bakx een training D.R.I.V.E.S. verzorgden. Een try-out van een nieuwe training die zij samen gaan brengen met als visie: leerkrachten in het onderwijs handvatten geven om met inzet vanuit eigen drives om te gaan met ongewone situaties! Op de D.R.I.V.E.S.-middag kom ik nog terug, nu eerst de stroomversnelling die een dag later werd ingezet.

Jack was ruim een uur voor de training al aanwezig. Ik ving hem op en op het schoolplein stonden we wat te praten over één van de ‘meest inspirerende’ scholen van Breda. Verwonderende vragen werden op me afgevuurd en ik zag dat Jack zichtbaar verbaasd was. Blijkbaar is het zo dat de liefde voor het kind en het onderwijs maakt dat de grote chaos waarin wij als leerkrachten en leerlingen met elkaar werken, blind maakt voor de omgeving waarin dit gebeurt… Nou, niet geheel blind. Ik vertelde Jack dat mijn leerlingen en ik voor de kerstvakantie al een maand als nomaden hebben rondgehangen op de hoofdlocatie i.v.m. een heftige lekkage in ons lokaal. Vervolgens stonk het zo naar de schimmel dat lesgeven onmogelijk bleek! We zijn gelukkig weer terug in onze eigen omgeving, echter blijft de lucht in het ‘nood’lokaal, dat er al zo’n tien jaar staat, niet goed! CO2-meters constant in het rood, leerlingen die loom worden naarmate de dag vordert en er komen vragen om paracetamol. En ja, het is bekend!

Die woensdagavond bedankte ik Jack voor een zeer inspirerende sessie. In plaats van het over de sessie te hebben gaf hij aan dat hij ons (de leerkrachten) en het gebouw, waarin je mag aannemen dat leerlingen inspirerend onderwijs kunnen genieten, niet uit zijn hoofd kon krijgen. Hij kondigde voor donderdag of vrijdag een blog aan. Donderdagavond stond die online, een fragment: … Binnen was het nog erger dan buiten deed vermoeden. Niets aangepast, geen kleurtjes, een muffe lucht, te warm, geen aangepast meubilair, geen stilteplek, gehorige lokalen, geen time-out, geen digiborden, geen computers of tablets, ramen die niet open kunnen blijven staan omdat de uithouders zijn afgebroken, geen frisse lucht, geen inspirerende en uitdagende leeromgeving…….. De trespa semi-permanente lokatie voorziening die naast de school stond, maakte de totale droefheid compleet. En hier huizen dan de kinderen die alle extra’s nodig hebben die we maar kunnen verzinnen. …lees verder

Onder aan zijn blog roept Jack op om hulp te bieden en biedt zelf een gratis training aan. Het maakte me blij, zeker toen er nog meer reacties kwamen! Maar wat maakt nu dat een blog van iemand buiten school, zelfs buiten de stichting, mensen in beweging zet om te helpen? Waar is de hulp intern? Mag ik aannemen dat als problemen en signalen niet voelbaar zijn niemand in beweging komt?

Het deed me terugdenken aan mij eerste school dag, januari 2007. Ik liep mijn toenmalige school binnen, op weg naar mijn lokaal. Wat ik kreeg was een half lokaal, wat tafels en stoelen, een bureau en een bureaustoel. Dat was het, geen methodes, alleen 5 leerlingen met een multiculturaliteit aan ‘labels’. Er waren gelukkig lieftallige en krachtige collega’s die mij hielpen en samen hebben we de klas, school en leerlingen op een hoger plan getild. Ook toen waren de ‘drives’ er, echter vraag ik me nu af wat maakt dat er zoveel energie gaat naar ‘randvoorwaarden’ die gewoon goed dienen te zijn!?

Binnen mijn huidige school is me maar vaak genoeg duidelijk gemaakt dat alle ‘oneffenheden’ ooit al eens aan de kaak gesteld zijn. Men lijkt er niet in te slagen om een verandering in gang te zetten. Argumenten rondom geldzaken doen mij verwonderen! En ook ik heb proefondervindelijk ervaren dat één van de kernwaarden binnen de stichting, ‘transparant’, maar een hol begrip (b)lijkt te zijn. Sinds 1 juli vorig schooljaar vraag ik al om inzage in het financieel verslag! Tot op heden geen verslag… En is het niet zo dat dit binnen een stichting alles inzichtelijk dient te zijn voor iedereen? Via de politiek krijg je dan van de vakbond antwoord: “De medezeggenschapsraad zou het financieel jaarverslag ter informatie toegestuurd moeten krijgen voor 1 juli. Dus het financieel jaarverslag van 2011 moet voor 1-7-2012 ter inzage beschikbaar zijn.” En mocht die niet toegestuurd worden, wordt er zelfs een bepaald recht onthouden! Een adviesbureau gaf aan dat openheid in stichtingen en scholen vaak hele plezierige scholen en werkgemeenschappen zijn, met zelden problemen met onderwijskwaliteit. Ik bedoel maar, het KAN!

Waar ik heen wil? Dat mensen hun verantwoordelijkheden nemen! Van een stichting om de kernwaarden uit te dragen zoals ze ooit bedoeld zijn, en ook leerkrachten om op te staan voor hun professionaliteit en kenbaar te maken wat nodig is om bij te dragen aan de ontwikkeling van de leerlingen. Ook zij hebben, naast de leerkracht, recht heeft op medezeggenschap!

Maar ook ‘verantwoordelijkheid’ is een hol begrip als daar uiteindelijk geen actie uit voortkomt! Een ex-collega noemde het “…met iedereen achter de uitvoering staan!” Ja, ‘iedereen’ en ‘de uitvoering’, helemaal mee eens! Een inventarisatie van de aangeboden hulp:

  • Een collega heeft aangeboden gekleurde betonnen banken te maken!
  • Diezelfde collega gaat contact opnemen met Heras Hekwerk voor sponsoring.
  • Een filmbedrijf heeft aangeboden een reportage te maken om knelpunten in beeld te brengen.
  • Thuisklas heeft haar diensten aangeboden, want “wanneer je je (op school) thuis voelt, voel je je zeker, krijg je vertrouwen en durf je jezelf te zijn. Dit is allemaal nodig om tot leren te komen”.
  • Een vloerbedekkingsfabrikant heeft aangeboden te kijken wat de mogelijkheden zijn voor nieuwe vloerbedekking.
  • Een lector van de Pabo gaat het verhaal verder brengen en kijken binnen zijn netwerk wat men kan doen.
  • Devolgendestap.eu heeft haar netwerk aangeboden om het verhaal verder te brengen.

In een paar dagen na het blog van Jack al hele mooie opbrengsten en er blijven mails binnenkomen! Ik had het met hem die middag op het schoolplein over het ‘vlindereffect’… De tijd en mogelijkheid is er nu! Wie pakt aan en door? 

Wordt vast en zeker vervolgd…

Tja, moeilijk gedrag..probleem van de ander lijkt me!

Zoals er vele vormen van moeilijk gedrag zijn, zijn er ook vele bronnen, variabelen en ervaringen van moeilijk ofwel lastig gedrag. In de triangulatie zijn er de ‘lastige’ leerlingen, diegene die het gedrag als lastig ervaren en de omgeving. Kijkend naar mensen met autisme is de ontwikkeling van hen soms moeilijk te onderzoeken omdat ze vaak niet een normaal ontwikkelingsverloop doormaken. Bekend is dat mensen met autisme anders ontwikkelen en/of andere (sensorische) waarnemingen hebben op het gebied van communicatie, verbeelding, sociale interacties (triade van Wing), executieve functies, centrale coherentie en theory of mind. Wetenschappelijk onderzoek bevestigt dat leerlingen met autisme een andere manier van denken, leren, begrijpen, ervaren, vasthouden van informatie, vaardigheden organiseren, impulscontrole hebben en van strategieën wisselen. Kennis op het gebied van autisme is dus van groot belang!

Doorgaans wordt met probleemgedrag (ofwel challenging behaviour) gedrag bedoeld dat potentieel fysiek (en/of psychisch) schadelijk of storend is voor de persoon zelf en voor zijn omgeving óf gedrag dat participatie in de samenleving belemmert
. Dit brengt ander gedrag met zich mee  en er is een duidelijk onderscheid tussen het feitelijk waarneembaar gedrag, de onderliggende oorzaken en de interpretatie van de omgeving van het geheel. Moeilijk gedrag kan zijn oorsprong vinden in onderstimulering, overvraging, gebrek aan communicatie, gebrek aan veiligheid (dus zelfbescherming), onzekerheid, overprikkeling, stress en het lokt sneller reactie uit. Moeilijk gedrag is initiatief nemen/communicatie, is een oplossing voor problemen of is juist een signaal omdat er geen oplossing is. Het kan een ontsnapping/weg moeten van iets interessants zijn. Het is belangrijk je focus te verleggen naar de betekenis in plaats van het gedrag. De “ijsbergtheorie” van McClelland, zoals in Scheeren et al staat beschreven, is een essentiele ‘tool’ om gedrag proberen te begrijpen. Gedrag is als het topje van de ijsberg, het belangrijkste deel van de ijsberg is onzichtbaar en zo zijn ook de oorzaken van het gedrag bij mensen met autisme onzichtbaar. Dat wat daaronder aanwezig is zijn sterke behoeften. Grote vraag is dus: “wat is de functie van het gedrag?”. Dit ontstaat door het maken van een analyse, het op zoek gaan naar de sterke behoeften en datgene doen dat werkt en motiveert. Wat drijft een leerling echt, op welke manier ontwikkelt een kind zich het best en wat maakt dat een leerling bepaald gedrag laat zien? En wat zouden leerlingen zelf zeggen over moeilijk gedrag?

Dit kan bewerkstelligd worden door te
kijken, te observeren en te luisteren naar een leerling waardoor de leerkracht het perspectief van de leerling kan innemen. Echter “iemands individuele wijze van waarnemen vormt een integraal aspect van zijn persoonlijkheid en het volledig kennen van de een is van wezenlijk belang voor het volledig begrijpen van de ander”. Dus perspectief nemen lukt alleen als je daar zelf voor open staat, jezelf kent, afstand durft te nemen van je eigen normen en waarden, durft waar te nemen, te verwonderen, je open, eerlijk en nieuwsgierig bent en richting neemt om buiten gebaande paden te denken en te handelen. Vervolgens zal er een basis van vertrouwen en veiligheid dienen te zijn of te ontstaan. Pedagogisch tact gaat uit van interactie tussen de leerkracht en leerling vanuit relatie, competentie en autonomie en bouwt o.a. aan vertrouwen. Mocht er een situatie ontstaan, benader deze dan vanuit de ecologische visie en stem samen de situatie, oplossingen en afspraken (sociocratisch) af. Meerdink heeft na het interviewen van 5000 leerlingen geconstateerd dat een tiental factoren bijdragen aan het gevoel van veiligheid op school. Hij zet ‘de stem van de leerling’ centraal waardoor zij mede verantwoordelijk gemaakt worden voor de veiligheid binnen een schoolse setting.

En ook de (fysieke) omgeving speelt een rol bij het waarneembaar gedrag. Ervaringen kunnen anders zijn, dus het aanpassen van de fysieke omgeving heeft invloed op het leren, gedrag en productiviteit
. Het innemen van ruimte en toestaan van toenadering is belangrijk. Het kan een gevoel van onbehagen, woede of angst teweeg brengen wanneer persoonlijke ruimte wordt benaderd. Uit onderzoek van Kennedy et al. (2009) blijkt ook dat de amygdala een belangrijke rol speelt bij emotionele reacties op de nabijheid van andere mensen en sociale cognitie. Deze kliertjes in de hersenen fungeren als filter voor informatie. Bij mensen met autisme blijkt de amygdala afwijkend te functioneren en dat het grote verschil vooral ligt in de manier waarop mensen met autisme beslissingen nemen. Uit het onderzoek is verder vast komen te staan dat mensen met autisme een andere manier van invoelend vermogen kunnen hebben en dat zij extra gevoelig kunnen zijn voor signalen van gevaar en stress bij anderen.


Dit wetende is het toch ‘gewoon’ een kwestie van afstemmen?

“Het individu is wat hij is door wat hij bezit” – Bakker & Bakker-Radbau

“Het is belangrijk dat anderen beseffen dat er altijd een logische verklaring is voor het ogenschijnlijk zonderlinge gedrag van mensen met het Aspergersyndroom.” – Tony Attwood