‘Wie snel wil reizen, reist alleen; wie ver wil komen, reist samen’
– Afrikaans spreekwoord
De ondersteuningsdriehoek van ouders, leraar* en externe professional is van cruciaal belang voor het realiseren van inclusief onderwijs. Deze samenwerking zorgt er namelijk voor dat elk kind de juiste ondersteuning krijgt. Sterker, dat die ondersteuning de andere kinderen óók iets oplevert… De effectiviteit van de samenwerking begint daarom bij een sterke communicatie. Helaas komt het nog regelmatig voor dat ouders zich niet begrepen of onvoldoende betrokken voelen bij het vormgeven van de onderwijspraktijk van hun kind en die van andere kinderen. Dit leidt vaak tot gevoelens van onzekerheid en frustratie. Daarom is het noodzakelijk om ieder gesprek met ouders, al vanaf de aanmelding vanuit kwetsbaarheid en openheid te voeren. Dit biedt de gelegenheid om op te halen wat er écht speelt bij een kind, wat van fundamenteel belang is voor het creëren van een passende leeromgeving voor ieder kind.
Wanneer de ondersteuningsdriehoek niet wordt rondgemaakt, kunnen er miscommunicatie, onbegrip en zelfs destructieve conflicten ontstaan. Als een of twee van de drie partijen niet op één lijn liggen, leidt dit vaak tot buitensluiting, waarbij er bondjes worden gevormd en er een sfeer van wantrouwen ontstaat. Het is daarom cruciaal dat ouders, leraar en externe professional samenwerken, aansluiten en afstemmen, zodat iedereen zich begrepen en betrokken voelt. Alleen op die manier kan er een omgeving ontstaan waarin elk kind de ondersteuning krijgt die het nodig heeft.
Het verhaal
Het is dus essentieel om te starten met het ter tafel brengen van de verschillende verhalen van ouders, leraar en externe professional, om zo hypotheses te vormen. Maar ook om verbindingen of overeenkomsten tussen deze perspectieven op te halen. Dat kan leiden tot overzicht, diepere inzichten en een meer holistische benadering van de behoeften van het kind. Het hoeft namelijk niet alleen te gaan over de kwalitatieve kant van ontplooiing, waar in ons huidige onderwijs nog wel vaak de nadruk op ligt. Maar het is ook belangrijk om aandacht te hebben en een beeld te vormen van het welbevinden van het kind. Dit om te weten of het kind zichzelf zelfbewust voelt, actief kan bijdragen, verantwoordelijkheid neemt en zichzelf daardoor succesvol kan ontwikkelen. Leefgebieden die in gesprek verkend kunnen worden zijn: activiteit, respect, verantwoordelijkheid, erbij horen, veiligheid, gezondheid, koestering ervaren, en een brede verkenning van ontplooiing.
Het voeren van een gesprek om het welbevinden van een kind in beeld te brengen, draagt direct bij aan de verbondenheid tussen ouder, leraar en externe professional. We weten dat ieder kind erbij wil horen, en dicht bij iemand wil zijn waarmee het positief gehecht is. Dat maakt het van belang dat het kind zich kan binden aan alle betrokkenen in de ondersteuningsdriehoek. Sterker, volgens het werk van Margaret E. King-Sears (et al. 2015) is verbindende samenwerking zelfs een kritische succesfactor voor inclusief onderwijs. Verbindende samenwerking verwijst naar de manier waarop ouders, leraar en externe professional zich ten opzichte van elkaar opstellen en elkaar ondersteunen om de best mogelijke leeromgeving voor kinderen te creëren. Deze samenwerking is niet alleen een formele verplichting of uit te werken in een checklist; het vereist een actieve en oprechte betrokkenheid én inspanning van alle partijen.
Communicatie
Een van de belangrijkste aspecten van verbindende samenwerking is communicatie. Het is cruciaal dat alle betrokkenen binnen de ondersteuningsdriehoek open en eerlijk met elkaar communiceren. Dit houdt in dat er ruimte moet zijn voor dialoog, waarin elk verhaal en iedere ervaring gehoord en begrepen wordt. Het gesprek kan pas verder als echt alles ter tafel is gebracht. Ouders moeten zich vrij voelen om hun zorgen en verwachtingen te delen, en leraren moeten zich aansporen om naar deze geluiden te luisteren. Ouders moeten transparant en open betrokken worden, zodat zij het schoolconcept en schoolse processen kunnen begrijpen en deze mogelijk zelfs kunnen integreren met hun gezinsleven. Zuivere communicatie leidt er niet alleen toe dat de kwaliteit van de samenwerking verbetert, maar draagt ook bij aan het vertrouwen tussen ouders, leraar en de externe professional.
Desondanks kunnen er obstakels zijn bij het tot stand komen van deze samenwerking, zoals tijdsdruk, verschillende communicatiestijlen en uiteenlopende overtuigingen of verwachtingen. Ouders kunnen zich bedreigd voelen door ‘de angst voor hulpverlening’ of ‘angst voor buitensluiten’, en het is daarom belangrijk om deze drempels te slechten. Door deze uitdagingen te erkennen en er proactief op in te spelen, kunnen ouder-leraar-externe-relaties versterkt worden. Dit betekent dat scholen flexibele strategieën moeten ontwikkelen om ouders en externe professionals te betrekken, zoals regelmatige gesprekken, maar ook bijeenkomsten, trainingen en workshops. Deze initiatieven helpen niet alleen om kennis te delen, maar ook om de gezamenlijke doelen en verwachtingen helder te formuleren.
Een cultuur van samen
Het is van belang om na het stellen van gezamenlijke doelen die voortvloeien uit gezamenlijke verwachtingen, ook gezamenlijk tot besluitvorming te komen. Dit houdt in dat ouders en professionals samen deelgenoot moeten zijn van het proces van het formuleren van onderwijsstrategieën en interventies voor het kind. Wanneer ouders het gevoel hebben dat ze mede-eigenaar zijn van het ontwikkelproces van hun kind, zijn ze vaak meer bereid om te participeren en ondersteuning te bieden. Sterker nog, ouders blijven primair verantwoordelijk voor de opvoeding van hun kind en voor het kiezen van de (beste) school voor hun kind.
Het succes van verbindende samenwerking ligt dus in de cultuur van de school!
Een inclusieve schoolcultuur, die waarde hecht aan diversiteit en samenwerking, faciliteert deze verbindingen. De school die een cultuur van inclusie omarmt, creëert een omgeving waarin iedereen zich erkend en gewaardeerd voelt en als een evenwaardige partner in het onderwijs voor het kind gezien wordt. Dit versterkt niet alleen de ondersteuningsdriehoek, maar bevordert ook de ontwikkeling van een leerklimaat dat iedereen (!) ten goede komt.
Partnerschap en hulpbronnen
Partnerschap met ouders en externe professionals impliceert het delen van informatie, kennis en ideeën, evenals het ontwikkelen van doelgerichte en planmatige aanpak. Dit partnerschap is niet slechts een formaliteit; het is cruciaal voor het oplossen van problemen en het aangaan van dilemma’s binnen een onderwijsproces van een kind. Alleen samen creëren ouders, leraren en externe professionals een inclusieve leeromgeving, waarbij iedereen wordt beschouwd als een hulpbron.
Een fundamentele basis voor deze samenwerking is evenwaardigheid. Dat proces begint met ‘ontmoeting’, wat een voorwaarde is voor ’toenadering’, wat een voorwaarde is voor ‘verbinding’ en wat leidt tot ‘betrokkenheid’. Deze stappen, en bijbehorende gedragsindicatoren, zijn essentieel voor afstemming en contact, en dus voor de verbinding met ouders. Door op deze manier te werken, kunnen stress, conflicten en negatieve emoties bij ouders én de leraar aanzienlijk worden verminderd. Het creëren van een veilige ruimte voor deze gesprekken bevordert niet alleen de relatie, maar ook de betrokkenheid van ouders bij het onderwijs van hun kinderen.
Het is daarom onontbeerlijk dat leraren openstaan voor het verhaal van het kind én ouders. Dit voedt de bereidheid om ook te leren van hun ervaringen. Het zijn ervaringen waardoor nog beter kan worden tegemoetgekomen aan de behoeften van hun kind. En het levert leraren ook iets op: Het tegemoetkomen aan de behoeften van kinderen versterkt niet alleen het zelfvertrouwen van leraren, maar helpt ook bij het opbouwen van een sterkere relatie met ouders. Wanneer leraren zich in staat voelen om onderwijsregie in eigen hand te houden, ontstaat er een positieve cyclus van groei en ontwikkeling voor zowel het kind als de leraar (en mogelijk ook de ouders).
Het is hierbij cruciaal dat leraren zich onthouden van het invullen van het perspectief van ouders, vooral als er nog geen diepgaande dialoog is gevoerd op basis van ontmoeting, toenadering, verbinding en betrokkenheid. Dit kan leiden tot misverstanden, waardeoordelen en onopgeloste problemen. Daarom is het belangrijk dat wanneer er wordt ingevuld, terug te gaan naar ‘ontmoeten’ en inzichten, overtuigingen en waarden die kunnen sterk variëren opnieuw te verkennen.
Weet dat elk verhaal waardevol is.
En ken je het verhaal, dan zit je eraan vast…
Tegelijkertijd plaatst de inclusieve school ouders in de positie om te begrijpen welke ondersteuning kan worden geboden. Dit betekent dat de school helder moet zijn over hun ondersteuningsprofiel, zowel tijdens de aannameprocedure van nieuwe kinderen als tijdens het leerproces van kinderen. Duidelijke communicatie over deze hulpbron helpt niet alleen om verwachtingen te managen, maar ook om ouders te betrekken bij het onderwijs van hun kind, en die van alle andere kinderen. Als ouders zien dat er een duidelijke ondersteuningsstructuur is en dat deze posities worden ingenomen, zal dit de samenwerking bevorderen en zorgen voor een gedeelde verantwoordelijkheid voor de ontwikkeling.
Met deze gedeelde doelen en een gezamenlijke aanpak kan de ondersteuningsdriehoek floreren, en wordt de driehoek rondgemaakt! Ouders, leraar en externe professional werken samen in een inclusieve omgeving die niet alleen de ontwikkeling van ieder kind bevordert, maar ook de betrokkenheid en tevredenheid van ouders vergroot. Het onderwijs wordt zo een gezamenlijke, dynamische reis waarin elke partij een waardevolle rol speelt. Deze benadering creëert ruimte voor groei, begrip en samenwerking, en leidt uiteindelijk tot een sterkere en inclusievere onderwijspraktijk waar ieder kind kan groeien.
*Waar leraar staat, kan elke andere onderwijsprofessional worden genoemd, ieder vanuit ieders eigen taak, rol en verantwoordelijkheid. In de tekst hierboven is bewust gekozen voor de leraar, omdat het de leraar gegund is om de regie over diens eigen inclusieve onderwijspraktijk te houden en te behouden.
Heb je vragen over hoe je het bovenstaande goed kan implementeren binnen school: neem contact op!





