Blog : introspectie

Nieuw is soms even wennen

Nieuw is soms even wennen

Het vijfde uur loop ik haar klas binnen. Ze is ziek. Als team hebben we vandaag een constructie bedacht. Een constructie om haar leerlingen ‘op te vangen’. Vaak betekent dit dat leerlingen worden verdeeld over andere klassen, maar vandaag kiezen we ervoor de groep en hun programma zoveel als mogelijk intact houden.

Nieuw ben ik voor hen. In de ochtend was ik het lokaal al binnengelopen. Om mijn aankondiging alvast ‘in de week’ te leggen. Het vijfde uur. Engels.

Lees verder

Zo. Alsjeblieft!

Zo. Alsjeblieft!

Met een plof zet de leerkracht zijn broodtrommel neer. Het zakje met wat appels, waar waarschijnlijk wat butsen in zitten, en zijn pakje drinken volgen met dezelfde kracht. “Zo, alsjeblieft! En ik hoop dat groep 7 geen last van je heeft!”

Het geluid van de klap waarmee de broodtrommel de tafel raakt is niet eens hetgeen mij van mijn beeldscherm doet opkijken. Het is de energie waarmee de leerkracht als een wervelstorm, het kind onder zijn oksel gegrepen, de gezamenlijke ruimte in komt. Ja, duidelijke taal. Zover is zeker. Alleen, welke pedagogische waarden er onder deze boodschap schuil gaan is mij een raadsel. Het ‘geen last van je hebben’ impliceert enkel onmacht dat als schuld en schaamte op het kind geprojecteerd wordt.

Wanneer de leerkracht de jongen de rug toekeert verschijnt er een brede glimlach op zijn gezicht. Zo’n glimlach waarmee het kind lijkt te willen zeggen: ‘zo, alsjeblieft. Nu heb ik het voor elkaar. Ik heb je waar ik je hebben wil. Waarom weet ik niet precies, maar samen in een ruimte zijn lijkt me op dit moment niet zo handig.’ Of was het een glimlach waarmee hij zijn verbazing bedekte?

Lees verder

Conventies

Conventies

Vorige week ben ik begonnen met een nieuwe opdracht. Ingevlogen voor een kind dat vraagt om een uitdaging. Wij als volwassenen zijn vaak geneigd om te praten over en kijken naar kinderen met probleemgedrag. Maar in feite is het gewoon een uitdaging voor ons om het kind te begrijpen. Het snappen van de manier waarop het zich verbindt met ons.

Wanneer ik de nadruk leg op gedrag, zal ik nooit begrijpen wie dit kind is. Dus wat zou er gebeuren als ik mijn focus zou verplaatsen van conventies, waarin we onszelf gegoten hebben, naar welke doelen het kind en ik samen zou kunnen bereiken? Het is mogelijk dat wanneer ik mezelf bewust ben van deze conventies en deze leer loslaten (of ont-leer) er de ruimte, nabijheid en beschikbaarheid ontstaat die nodig is om de verbinding te maken met de ander. Loslaten van denkpatronen/-concepten om zuiver te communiceren. Groei en ontwikkeling is wat er overblijft. Dus als ik conventies en vooroordelen even links laat liggen, wat zie ik dan werkelijk? Potentie? Talenten? Dromen? Verlangens? Pijn?

Lees verder

Oncollegiaal

Oncollegiaal

Een jaar of wat geleden werd ik me bewust van de pieken in het onderwijs. Van die periodes waarin er ineens een groot beroep op mij werd gedaan. Wanneer ik de analyses van de toetsen af moet hebben, groepsplannen gereed en bijgewerkt en individuele handelingsplannen en kerndocumenten geschreven moeten zijn. Allerlei redenen werden aangegeven, van ‘oudergesprekken’ via ‘moet van de inspectie’ tot aan ‘je wordt betaald voor deze opdracht’.

Vooral dat laatste raakte mij en deed me beseffen dat ik wel in dienst ben van een organisatie, maar dat het om een wederzijds spel gaat. Want ja, ik word betaald voor mijn professie, voor mijn kennis en ervaring. Maar betaald worden wil niet direct zeggen dat de organisatie zomaar van alles van mij kan en mag verwachten.

Lees verder

Op nul beginnen

Op nul beginnen

Deze tijd, de herfst, is voor mij een speciale tijd. Bladeren vallen, net als inzichten en ervaringen. Een kleurrijke voedingsbodem ontstaat waardoor iets nieuws kan groeien. Vandaag, wanneer ik wakker word, daalt een inzicht: iedere dag een nieuwe, verse start maken is voor mij een uitdaging! Iedere dag op nul beginnen. Dat.

Ooit was er die collega, die mij niet het weekend in liet gaan. Eerder op die dag had er zich een voorval plaatsgevonden: Okke gooide een stoel door het lokaal, smeet de klasdeur open en rende weg. Hij werd opgevangen, gefixeerd en de bedreiging van Okke diende als inzet en ‘legitimering’ voor verwijdering van school.

Mijn collega zag aan mij dat ik het voorval niet kon loslaten en mee het weekend in zou nemen. Die mij-kunnen-ze-niets-maken-houding bleek voor hem iets te doorzichtig. 

Lees verder

Afstand nemen op voetbalzaterdag

Afstand nemen op voetbalzaterdag

De tweede wedstrijd van het seizoen. Nieuw voor ons beiden. Zelf nooit gevoetbald. Voor Feie nieuwe ervaringen. Het sporten in teamverband, het spel, de spelregels, de posities, bijbehorende taken en de taal: ‘door het midden’, ‘langs de lijn’ en ‘het veld breed houden’.

Vandaag een uitwedstrijd. In Gilze tegen het selectieteam, de F1. Zij, die net koud twee trainingen achter de rug hebben, tegen een team dat al zeker een seizoen geolied draait. Die machine blijkt al snel de ene na het andere doelpunt te scoren. Wat ik zie is een groep die vooral bezig is de bal te krijgen en te houden. Om vervolgens op de helft van de tegenstander pogen te scoren. Op een kleine kans na in de eerste helft zijn zij niet geslaagd in deze laatste opzet.

Die kleine kans komt voort uit het afpakken van de bal en een rush langs de linkerzijkant.

Lees verder

Over de grens van mijn comfortzone.

Over de grens van mijn comfortzone.

Na mijn middelbare school startte ik met de opleiding Sociaal Pedagogisch Werk. Eigenlijk wist ik daarvoor nog helemaal niet wat ik wilde gaan doen in mijn werkende toekomst. Als een puber met lange haren en Metal-shirts, zoekend naar mezelf in de overgang naar adolescent, was werken nou niet echt iets dat me kon boeien. Men vond ‘iets met mensen’ wel bij me passen. Ik volgde maar wat anderen in mij dachten te zien…

Het was het beging van ’98, een jaar aan het einde van een vorige eeuw. Een nieuwe uitdaging diende zich aan. Alleen wist ik dat toen nog niet.

Een half jaar eerder startte het tweede jaar van de opleiding; een jaar lang stage. Stage op een ZML-school, onderwijs aan kinderen die Zeer Moeilijk tot Leren komen. Tegenwoordig vergelijkbaar met praktijkonderwijs, inclusief de ‘cluster 3’-leerlingen van nu. Eén dag in de twee weken naar school. Om te reflecteren, een nood om even los te komen van een intensief proces.

In mijn stageklas, die gevuld was met kinderen in de leeftijd van 8/9 jaar, deed ik mijn eerste ervaringen op met een groep kinderen die, afgezonderd van een reguliere context, anders leerden: meer individueel, grote verschillen in perspectieven en veel nadruk op sociale vaardigheden.

Net voor de kerstvakantie het bericht van het afhaken van een medestudent. Een klas waarin meervoudig gehandicapte kinderen begeleid werden. De uitdaging bleek te groot voor haar.

Met de mededeling dat ik vanaf januari tijdens de lunch zou gaan ondersteunen in deze klas, kon ik het doen. Het hakte erin! Kijk, ondersteunen bij kinderen met leermoeilijkheden, prima! Komt daar als uitdaging een ‘zeer moeilijk’-classificatie bij, ook goed. Maar kinderen verzorgen waarbij leren in mijn perceptie niet eens speelt, dat was niet wat ik voor ogen had met dat ‘iets met mensen’ van mijn omgeving!?

Een keus was er niet, de mededeling een piketpaal.

Mijn toenmalige stagebegeleider zag een volgende stap in mijn ontwikkeling. Een stap die ik zelf maar moeilijk kon zien. Harder botsen tegen de grenzen van mijn comfortzone, dat was wat ik nog nooit eerder zo had ervaren.

De twijfel sloeg toe!

Een twijfel die uiteindelijk meer over mijzelf ging, dan dat ik open stond om de nieuwe taak als uitdaging aan te gaan! Angst.

Ze was veertien jaar, zat in een rolstoel, blind en had een ontwikkelingsleeftijd van drie/vier maanden. Tijdens de lunch helpen met eten en daarna verschonen. Dat was ‘alles’. Als een berg zag ik op tegen starten!

Alles was nieuw: een klas binnenstappen waar alle leerlingen in alles ondersteuning nodig hadden, een ander helpen met eten (ik noemde het voeren), het vastgeplakte brood van haar gehemelte halen waardoor slikken werd vergemakkelijkt, haar helpen met drinken met een speciale beker waarvan ik het bestaan niet eens wist, communiceren op een niveau die totaal nieuw was (ik wist niet eens dat communicatie mogelijk was) en dan het ‘ergste’ van alles: een veertien jarige meid verschonen!? Help!

Een half jaar later baalde ik dat mijn stage erop zat! Niet in de laatste plaats omdat ik gehecht was geraakt aan een bijzonder mens. Ze kreeg in de loop van de eerste weken zelfs een naam: Renée! Natuurlijk had ze die al vanaf haar geboorte. Maar ik was vooral met mezelf bezig. De focus op de grote verschillen tussen haar en mezelf. Genderverschillen, op wat zij allemaal niet kon, wat ik onsmakelijk vond en dat het toch niet mijn roeping was een veertienjarige een schone luier om te doen!?

Na een aantal weken merkte ik dat Renée enthousiast werd als ik om twaalf uur de klas binnenkwam. Op haar manier was ze blij mij te ‘zien’. Ik kwam er achter dat ze mijn grappen – die ik nodig had mijn onzekerheid te verbergen en ervaringen te verwerken – kon waarderen wanneer ik bepaalde, unieke geluiden hoorde.

We kregen een band en ik had het niet eens door. Aftasten ging over in doen, de grote verschillen tussen ons vervaagde.

Tijdens het zo gehate verschonen kregen we de grootste lol. Alsof er ‘een knop’ omging verliepen de momenten ontspannen, lachten we samen ieder op onze eigen wijze en was het de intonatie en energie in mijn monologen waarop Renée reageerde.

comfortzone-quote2Wat ik in het begin vergat, was dat we beide mens zijn. Beide behoefte aan contact. Ieder op onze eigen manier, maar samen zo hetzelfde. Beide behoefte aan ondersteuning: zij in haar dagelijkse levensbehoeften, ik tijdens deze uitdaging. Beide jong in onze ontwikkeling, en samen willen leren.

De verbinding die ontstond draag ik nog dagelijks met me mee. Renée heeft bijgedragen in de persoon wie ik ben. Zij is voor mij de brug geweest in communicatie op een totaal andere ‘laag’: los van leeftijd, niveau en verwachtingen. Zo vol van eigen, in het moment en contact.

Zij heeft bijgedragen aan het waarderen en zien van details. Het samen onze eigen taal creëren om elkaar te ontmoeten en begrijpen. Verstaan door dichtbij elkaar te staan, daar over de grens van mijn comfortzone.

The New.

The New.

busTussen kerst en oud&nieuw er even tussenuit. Samen met mijn vrouw, vriendin…mijn meisje. Naar de stad waar ooit de basis werd gelegd. Precies tien jaar geleden, het najaar van 2004. In een brakke Ford Transit op weg naar Stockholm. We kenden elkaar net een week. Zagen elkaar echter al een jaar. De liefde voelde sterk en vertrouwd. Samen op avontuur, onze eigen ’24 uur met’. Met elkaar en een vegetarisch HARTige taart.

Naar Stockholm om daar de indie-band Blackstrap op te halen. Nu samen zijn naar een witte stad.

Dit keer vliegen we. Twee uur in de lucht, een stuk sneller. Ook de temperatuur in Stockholm is anders. Toen ver boven nul, nu minus achttien. Stockholm. Een heerlijke stad met een fijne energie, vriendelijke mensen en mooie plekken. Alleen al daar zijn is goed en rustgevend.

In de tussentijd zijn we er vaker geweest. We weten de weg, kennen nog steeds niet iedere plek. De korte dagen zijn bijzonder, de cafeetjes snel gezocht. Lezen, schrijven en goede gesprekken. Kalibreren. De liefde voor elkaar ijken aan wat we voor elkaar voelen. Moeilijke tijden helen. Nieuwe inzichten versterken.

Als we de tweede dag het Moderna Museet binnen lopen valt mijn oog direct op een kunstwerk van Charles Ray. The New Beetle. Zo puur. Zo wit. Een kind spelend met een Kever. Die van Volkswagen. Het waren de Herbie-films waarin ik de Volkswagen Kever leerde kennen. Een kever met een sterke eigen wil. Authentiek. Het nam zijn ruimte in en ging voor zijn doel. Net een kind, zo open. Ik genoot van die spelende eigen-wijsheid.

beetle-quote1-klIk staar naar het kunstwerk en denk aan het kleine beestje. De kwetsbare vleugels onder het schild. Vliegen. De jongen houdt deze Beetle aan de grond. Wat als het Herbie zou zijn?Als kind speelde ik ook met auto’s. Dat moment dat ik in het gras lig voor ogen. Verwonderend kijken naar die kever op zijn rug. Trappelend weer grond onder zijn poten te voelen. Zo kwetsbaar. Zelfs met schild.

The New Beetle, de ‘volwassen’ versie van die oude Herbie-kever. Ik heb me de laatste jaren regelmatig afgevraagd wat ik van deze transformatie vond. Weerstand voelbaar. Ik ben niet uitgespeeld.

Ik zie de jongen spelen met The New Beetle. Bekijk ‘m vanuit alle hoeken. Een jong kind dat speelt, oefent en leert volwassen te worden. De compositie raakt me. De openheid. Alles mag er zijn, in het pure van het wit. De kwetsbaarheid. Een eigen persoonlijkheid. Leren van het oude & nieuwe! Met liefde.

Verontschuldig mij!

Verontschuldig mij!

De deur van mijn leidinggevende staat open. De twijfel voorbij loop ik naar binnen. Op het moment dat ik mijn verontschuldigingen aanbied kijkt ze me wat verwonderd aan. Dit was wel het laatste wat ze had verwacht. Ja, ze hoorde het goed! Verontschuldigingen van mij, over de leraar die ik het afgelopen half jaar ben geweest.

De aanleiding weet ik nog goed. 6 januari 2014, 08.05u. Bij binnenkomst direct naar het kantoor. De gedragswetenschapper en intern begeleider langs beide flanken. Drie vliegen in één klap, het moment!

“Ik heb mijn kerndocumenten niet af!
Sterker nog, ik ben er niet eens aan begonnen…”

Zo, dat was eruit! Ik voelde mijn verdediging al opkomen. Ik bleef stil. Alle drie keken ze me wat glazig aan. Mijn leidinggevende brak het ijs. Teleurgesteld. Voor de kerstvakantie hadden de documenten al af dienen te zijn. Of was dat enkel de verwachting?

In de vakantie tijd voor bezinning, de weerstand werd duidelijk: ik geloof niet meer in het document. Al jaren eigenlijk niet meer. Steeds dat argument: een document waar het om de kern van het kind gaat wordt gevuld door het kind, diens ouders én mij! Echt samen. Dat. Juist nu, omdat er zoiets als Passend Onderwijs voor de deur staat…

Toch maar volgen.
Niet gehoord en gezien worden.
Vooruit willen.
In overeenstemming met mezelf en mijn idealen.
Eigen leiderschap nemen.
Professioneel handelen vanuit visie!

Na een dag vol gesprekken heldere ‘laatste’ woorden van haar:

“…de inspectie wil dat deze documenten er zijn. En daarbij, je wordt betaald voor deze opdracht!”

Nee. En nee! Ik ben zo klaar met dat angst-denken. Klaar met conformeren vanuit gebrek aan vertrouwen, gebrek aan samen bouwen en gebrek aan oog voor wat nodig is. Ik word overigens betaald voor goed onderwijs! Door het ministerie nota bene. Oh, en ik ga ook graag in gesprek MET de inspectie. Echt samen. Dat.

quote-verontschuldig-klNu, zo vlak voor de zomer vind ik het meer dan tijd mijn handelen te reflecteren. Naast dat ik zelf recht heb op zoiets als een functioneringsgesprek, hebben mijn leerlingen daar ook evenveel recht op. Want als ik betaald word voor goed onderwijs, mag afgevinkt worden of ik daaraan heb voldaan. Niet aan eisen. Maar om mezelf opnieuw uit te vinden. Ont-wikkelen. Leren als proces. Vers het nieuwe schooljaar in. Versie 9.0

Zelf vind ik dat ik teveel met mijn eigen ontwikkeling bezig ben geweest. Met het oefenen inzichten te voorleven. Vormen van mijn wil en drive. Over wat ik goed onderwijs vind. Vernieuwbouw: samen met collega Florus Bertens een plan schrijven. Een plan dat mij dwingt mezelf te onderzoeken. Scherp te stellen. Te kalibreren. Het ijken op basis van waarden vanuit ervaring en inhoud. Over wat onze jongeren in het Voortgezet Speciaal Onderwijs nodig hebben.

Ik verontschuldig mij. Aan haar. Aan hen.
Zij knikt. Ontvangt. Waardeert en geeft groen licht.
Zij bevragen. Waarderen en vliegen uit.
Het is wat het is. En het is goed!

 

Aanleiding voor het (eindelijk) publiceren van deze blog volgde na een uitnodiging van Karin Winters: een bijdrage aan #onderwijsmoment. Een dag te laat. Om meerdere redenen. Het is zo. Karin, veel dank voor je uitnodiging! Je hebt me weer een stuk verder gebracht in mijn proces. De uitdaging om mij te focussen op dat ene moment maakte veel los. Herbeleven en tegelijkertijd sterk voelend in welke richting ik me beweeg. #thnX!

De snelheid van rood

De snelheid van rood

Als ik in de deuropening van de klas sta te wachten op mijn tweede zoon zie ik de juf een stapeltje vellen pakken. Rijtjes met woorden erop. Het is mij direct duidelijk wat de bedoeling is. Er mag geoefend worden! Dat ook mijn zoon een vel mee naar huis kreeg verwonderde mij niet.

Een jaar eerder zaten we nog aan tafel bij de kleuterjuf. Ze wilde hem laten testen op ‘kleurenblindheid’. De brief van de GGD viel een paar dagen later op de deurmat. Direct voelde ik weerstand: Mijn zoon gaat niet getest worden, dat bepalen wij als ouders zelf wel!

Tegelijkertijd schurend met mijn eigen professie. Ja, deze juf heeft onze zoon echt wel gezien en vrij gelaten in zijn ontwikkeling. Eerst het gesprek dan maar. Tegelijkertijd de vragen: en wat maakt dat ze alleen op kleurenblind testen? En hoe draagt de uitslag bij aan zijn ont-wikkeling?

Hoe ik mijn zoon zie? Goede vraag! Als een sensitieve, lieve, zachtaardige onderzoeker. Hij is creatief en denkt outside the box. Ja, ik weet heel goed dat hij de kleuren nog niet kan benoemen. En dat hij in de klas langer doet om de juiste kleur te vinden was mij ook bekend. Thuis vraagt hij aan zijn grote broer om de juiste kleur. Misschien zijn alle kleuren in zijn hoofd wel net als die volle bak met kleurpotloden en stiften thuis!?

De kleuterjuf vond het toch wel van belang. Wat als hij in groep 3 een rood potlood dient te pakken voor een opdracht? Dan komt er een stikker met ‘rood’ op zijn potlood.

Ik vulde de vraag aan met dat hij dan bij zijn buurman/-vrouw kijkt en dat het dan wat langer kan duren voordat hij zijn potlood heeft. De juf bevestigde vol herkenning. En ik dacht: Is ‘rood’ dan ook het eerste woord dat hij leert?

Wat ik als ouder wel zou willen? Nou, dat is dat hij zelf strategieën/oplossingen vindt om tegenslagen te overwinnen. Leren in veiligheid en vertrouwen de vraag te stellen als belangrijkste tool! Als hij dit thuis rondom de kleuren al durft te doen, lijkt dit voor hem geen probleem. En dat hij het groene potlood pakt zegt ook iets.

De juf liep op mij af en drukte het vel voor mijn zoon in mijn handen. Het leestempo lag te laag. Of wij iedere dag met hem zouden willen oefenen. De vraag naar het signalerings- en handelingsplan slikte ik in. Nog niet de woorden om mijn idee en gevoel te delen.

Toen we terugliepen naar huis vertelde hij vol enthousiasme dat hij thuis zou gaan oefenen. Nou, vanwaar mijn weerstand bedacht ik me. Zou het iets over mezelf zeggen misschien?

Ook de tweede avond pakte hij uit zichzelf het vel met rijtjes, plofte naast me op de bank neer en in zichzelf gekeerd ging hij voortvarend aan de slag. Ik genoot van zijn drive te willen leren. En toch, mijn weerstand, waar kwam dat vandaan?

“Zeg, hoe leer jij deze woordjes eigenlijk?”
“Nou gewoon, ik heb kamertjes in mijn hoofd; één voor de letters en één voor de cijfers!”

Met wat verbazing vraag ik door en vertelt hij dat het kamers zijn waarin nog niet alles even geordend is. Ik stel voor om samen met hem de woorden in de chaos aan letters op de muren te gaan verven of schrijven. Samen gaan we aan de slag!

 Als hij aan het oefenen is vraag ik mijn vrouw een aantal woorden met de ‘b’ en de ‘d’ op te schrijven, de letter te kleuren en bij het woord een tekening te maken. Deze plaat hangen we op de muur. Verder geen uitleg, de verwondering en het gesprek volgde als vanzelf.

Wanneer we een paar dagen later aan het eten zijn, bedek ik zijn ogen en uit het niets vraag ik hem naar de schrijfrichting van de ‘b’ en een rijtje woorden te benoemen. Hij zoekt een fractie van een seconde, wijst de richting aan en noemt een rijtje op. Met de genoemde woorden spelen we en maken er verhaaltjes mee. Losse verhaaltjes en met alle woorden uit het rijtje één verhaal. Heerlijk die flow, creativiteit en spelen met woorden.

Mijn weerstand? Opgegroeid in een tijd waarin de kleuren kennen norm was en de rijtjes woorden in een bepaalde tempo gelezen moesten worden! Afzetten van de standaard. Oude pijn…los leren laten. En dan is er niets mooier dan de weerspiegeling terug te krijgen van je eigen kinderen. De keus om mee te gaan in de status-quo of kiezen om in je eigen kracht te gaan staan!

Het gaat niet over kleur bekennen of de snelheid van je handelen te bepalen. Het gaat over aansluiten en afstemmen op jezelf, van waaruit je met alles wat je weet – en ook niet weet – afstemt op wat de ander wil leren ont-wikkelen. De ‘hoe’ weet de ander – ook in zijn/haar niet weten – allang!