Van horen zeggen

Van horen zeggen

Van horen zeggen

Een telefoontje wordt doorverbonden. Enthousiast vertelt de ouder aan de andere kant van de lijn dat er verhuisd gaat worden. In de meivakantie. Dat het kind dan nog een aantal weken op een school ingeschreven dient te worden. Onderwijs volgt. Gemeld wordt dat de eindtoets al gemaakt is. Als de verbinding wordt verbroken en contact gezocht met de school van herkomst verloopt de overdracht warm, coöperatief en soepel!

Het enthousiasme heeft te maken met de persoonlijke situatie van de ouder. Dichter bij een sociaal netwerk. Onze school in de buurt van waar deze ouder gaat wonen. Eigenlijk is dat een andere school, maar de grootte van de achtste groep op de andere school maakt dat elkaar ondersteunen is wat overblijft. Nabij thuis onderwijs de insteek van de buurt.

Tot zover loopt alles op rolletjes…

Een aanmelding op de middelbare school moet nog gebeuren. De ouder had niet verwacht zo snel een huis te vinden. Natuurlijk is dat fijn. En aanmelden op een middelbare school zou slechts een formaliteit zijn. Zou je denken.

Tot zover. Dus.

De ouder kreeg een naam van een school voor voortgezet onderwijs mee. Een school met een goede reputatie zo werd gezegd. Van horen zeggen. Mijn gedachte dwaalt even af, want zouden niet alle scholen een goede reputatie moeten hebben? Iedere school nabij thuis. Deze school helemaal passend bij de geschiedenis en vraag vanuit ouder en kind. Ideaal dus, zou je denken.

Even een iets bredere stadscontext: binnen het niveauadvies van het kind hebben kind en ouder te kiezen voor slechts drie scholen, waarvan er één een loting heeft. Heeft plaatsgevonden. En nu vol is! Als je trouwens 40 minuten fietsen naar een nabij gelegen dorp erbij telt, dan zou de keuze uit vier scholen bestaan. Nou ja, drie dus. Dan.

Het belletje met deze school voor voortgezet onderwijsschool bleek nog niet zo makkelijk. Na een aantal keer geprobeerd te hebben krijg ik de juiste persoon aan de lijn. Wanneer het verhaal wordt uitgelegd word ik onderbroken. De school zit vol als boodschap!? Dus helaas is het kind aangewezen op de school. Ja, die aan de andere kant van de stad. Wat verbaasd deel ik het belang van de keus voor deze school. Ook de verhuizing als overmacht breng ik tevergeefs in.

De man aan de andere kant van de lijn lijkt alles te begrijpen, zo wordt gezegd. Maar met een vol-is-vol-statement wordt het kind toch aan de voorkant geweigerd. En naast dat ik daar natuurlijk van alles van kan vinden, ontvouwen direct de volgende vragen:

  1. Waarop is het aannamebeleid van onze stad gestoeld?
  2. Mag een school zomaar een leerling weigeren?
  3. Wat als moeder het kind tóch aanmeldt, heeft de school dan een zorgplicht, zoals dat ook in het primair onderwijs het geval is?
  4. Is er een verband van samenwerking voor voortgezet onderwijsscholen waarin deze casus in-/verder gebracht kan worden?

In al mijn vezels voel ik ergens dat het niet klopt. Is het mijn projectie vanuit wat ik kinderen gun? Of voedt dit eenzijdige bericht, waarbij de hoorn op de haak gaat en verder niets, dat gevoel van onrecht en ‘zoek het maar uit’? Nou ja, dat laatste past mij wel! Uitzoeken, onderzoeken en precies weten wat er speelt en mogelijk is. De barricade op.

Het onderzoek leidt mij tot drie aanknopingspunten.

Als eerste krijg ik een tip dat er een samenwerkingsverband voor de overgang van het primair onderwijs en voortgezet onderwijs is. Een verband dat zich bezighoudt met afspraken die betrekking hebben op de overstap van het primair naar voortgezet onderwijs. De voorzitter vanuit het voortgezet onderwijs krijgt van mij deze ‘casus’, uitgangspunt: het juist plaatsen van dit kind.
Het tweede aanknopingspunt is het inlichten van een betrokkene in dit verband. Een voor mij bekende schoolleider van een andere school uit onze buurt. Met vertrouwen wacht ik af wat zijn opbrengst binnen het aankomende overleg gaat zijn.
Als laatste aanknopingspunt bel ik met de school voor voortgezet onderwijs waarbij een loting plaats vond. De contactpersoon van deze school bevestigt dat weigeren aan de voorkant niet mag, maar tegelijkertijd een precair onderwerp is. Het is eerder besproken geweest en merk dat het iets wegheeft van een heet hangijzer. Begrijpelijk op beleidsniveau, maar daar kan een kind nooit de dupe van zijn.Toch?

Op Twitter, waar ik mijn worsteling deelde, wordt er vanuit gegaan dat scholen geen leerlingen mogen weigeren. ‘In theorie dan,’ deelt een ander. Want in de praktijk schijnt het te gebeuren… Alleen op geloofsovertuiging zou er een weigering kunnen plaatsvinden.

Het is mijn eerste jaar in het regulier primair onderwijs, en meer dan ooit voel ik me onwijs naïef! Ik dacht werkelijk dat het reguliere onderwijs al zoveel verder was, zou zijn, dan het (voortgezet) speciaal onderwijs. Heb ik me dan echt zo vergist!? Moet ik werkelijk mijn beeld drastisch bijstellen? In alles merk ik dat mijn strijden voor het potentieel en welzijn van kinderen onverminderd door blijft gaan… Moet blijven gaan misschien wel. Dat ik heel veel nog niet weet neem ik maar op de koop toe.

Gelukkig zijn er veel wegen die naar Rome leiden. Dat er maar een pad geplaveid mag worden voor dit kind. Dankzij van horen zeggen. Aanknopingspunten. Want alleen samen maken we onderwijs!

Wordt vervolgd…

About the Author

Leave a Reply